De verplichting van een slachtoffer om redelijke maatregelen te nemen om zijn schade zo beperkt mogelijk te houden, ook al is een ander aansprakelijk voor het ontstaan ervan.

Schadebeperkingsplicht

De schadebeperkingsplicht houdt in dat een benadeelde partij — ook wanneer een ander volledig aansprakelijk is voor het veroorzaken van de schade — redelijke inspanningen moet leveren om de omvang van die schade te beperken of te voorkomen dat de schade verder toeneemt. De wettelijke grondslag is te vinden in artikel 6:101 BW (eigen schuld) en wordt in de rechtspraak ook afgeleid uit de algemene redelijkheid en billijkheid van artikel 6:2 BW. Schade die het slachtoffer door nalatigheid onnodig heeft laten oplopen, komt in beginsel niet voor vergoeding in aanmerking.

Belangrijkste kenmerken

Praktische gevolgen

Als een rechter of verzekeraar vaststelt dat het slachtoffer de schadebeperkingsplicht heeft geschonden, kan de schadevergoeding worden verminderd naar rato van de mate waarin de schade door eigen nalatigheid is vergroot (artikel 6:101 BW). In de letselschadepraktijk (2026) leidt dit regelmatig tot discussies over de vraag of een slachtoffer voldoende heeft meegewerkt aan behandeling of re-integratie. Het is verstandig om alle ondernomen stappen goed te documenteren, zodat aangetoond kan worden dat aan de schadebeperkingsplicht is voldaan.

Omdat het slachtoffer na zijn bedrijfsongeval weigerde de aanbevolen revalidatietherapie te volgen, verminderde de rechter de schadevergoeding met 20% wegens schending van de schadebeperkingsplicht.

Bron: AI

Letselschade opgelopen?

Plan een gratis adviesgesprek met een van onze letselschade-specialisten. Wij spreken uw taal.